Wekelijkse bijbeltekst

Bijbeltekst week 2022 – 20

Voorwaar, Ik zeg u: Wie het Koninkrijk Gods niet ontvangt als een kind, zal het voorzeker niet binnengaan.

Lucas 18:17

De tafeltekst voor de komende week begint met: Voorwaar, Ik zeg u: en we moeten deze woorden er zeker bij opzeggen. Want dan beseffen we dat hier iets heel belangrijks door Jezus is gezegd. Wij zouden in onze tijd zeggen: Let nu even heel goed op wat ik zeg. Jezus spreekt hier over de voorwaarde voor het binnengaan van het Koninkrijk Gods. Het Koninkrijk Gods is het gebied waar God regeert, waar Hij het onvoorwaardelijk voor het zeggen heeft.

Het is wonderlijk dat in deze weinige woorden van Jezus gesproken wordt over ontvangen en over binnengaan. Beide werkwoorden hebben heel veel met elkaar te maken. ‘Ontvangen’ wil zeggen: met beide handen aanpakken om je er geheel aan te wijden, het helemaal in je op te nemen. Dit werkwoord past helemaal bij de instelling van een kind dat een cadeautje ontvangt: onvoorwaardelijk, vol vertrouwen aanpakken om er helemaal in op te gaan. Het woord ‘kind’ is hier beter vertaald met kindje, hierbij denkend aan ten hoogste zo’n 7 jaar oud.

Zoals een kleuter een geschenk met beide handen aanpakt en alles om hem heen vergeet, geboeid door wat nu van hem is, zo moeten wij het Koninkrijk in ontvangst nemen, omdat we het anders geenszins, dat wil zeggen onmogelijk, kunnen binnengaan.

Het werkwoord ‘binnengaan’ wordt veel gebruikt bij het naar binnen gaan van voedsel in de mond. Het wordt ook gebruikt als een aanduiding voor wat het betekent als een kind bij het volwassen-worden de maatschappij binnengaat: zich er geheel door laat omgeven, verwachtingsvol, vol vertrouwen.

Het is voor de mens onmogelijk het Koninkrijk Gods binnen te gaan, als we nog een achterdeurtje hebben naar wat we eigenlijk moeten achterlaten. Wees niet ongerust, wie nog reserves heeft kán het Koninkrijk niet binnengaan. Een achterdeurtje heeft dezelfde uitwerking als een geweldige, openstaande, voordeur: onmogelijk om ook maar één stap binnen het Koninkrijk van God te zetten . . .

Wie nog wijs wil zijn in deze wereld, zal altijd reserves behouden: ik vraag mezelf af . . . De meest bescheiden reserves zijn in staat om betonnen muren te bouwen tussen ons en het naderende Koninkrijk van God.

Daarom: laat het tot ons doordringen, dat het de hoogste tijd wordt om te worden als een kind, vóórdat Zijn voeten staan op de Olijfberg. Wie om zich heen kijkt, de krant leest, het nieuws ziet, weet dat de tijd om alsnog als een kind te worden, nog maar héél kort kan zijn.

Bijbeltekst week 2022 – 19

En hij liet alles achter, stond op en volgde Hem.

Lucas 5:28

In de tafeltekst van deze week wordt gesproken over de tollenaar Levi. Hij was een hoge beambte, die in dienst stond van Herodes Antipas. Deze Herodes was viervorst over Galilea en Perea. Levi inde de belasting die geheven werd over de goederen, die in- en uitgevoerd werden over de grens. Tollenaars werden, vooral bij de gelovige joden, vaak op één lijn gezet met de zondaren. Zij werden geëerd om hun hoge positie én veracht om hun hebzucht en de grove manier waarmee zij de reizigers vaak behandelden. Daarom werden tollenaars uitgesloten van de samenkomsten in de synagoge.

Levi was aan het werk toen Jezus tegen hem zei: Volg Mij! Dan komt er een wonderlijke reactie, die we vaker in de Bijbel lezen, en het begin van onze tafeltekst is: En hij liet alles achter, … Wat moeten we daar onder verstaan? Er wordt in de grondtekst een werkwoord gebruikt, dat o.a. vertaald kan worden met: onverzorgd achterlaten, iets of iemand achter laten zonder zorg er voor te hebben, links laten liggen. Levi liet dus zijn bron van inkomsten, zijn middelen van bestaan achter: anderen moesten er mee doen wat ze wilden. Een onverantwoord gedrag, zullen we ongetwijfeld zeggen …

Hij stond op … hij hield dus op met zijn werkzaamheden en volgde Jezus. Voor dit ‘volgen’ is een woord gebruikt dat de betekenis heeft van: iemand als leerling volgen.

Wat een ingrijpende verandering vond er plaats in het leven van deze Levi: van veracht en geëerd man werd hij tot een leerling … Hij was blijkbaar niet onbemiddeld, want het verhaal in de Bijbel gaat verder met: En Levi richtte een grote maaltijd voor Jezus aan in zijn huis, en er was een grote menigte tollenaars en anderen, die met hen aan tafel waren (Lucas 5:29). Bij Jezus schaamde hij zich niet voor zijn oude beroep. Hij nodigde immers een menigte van tollenaars uit om samen met Jezus aan één tafel te gaan!

Wat moet hij de Here Jezus goed gekend hebben; hij wist dat er voor Hem ook geen enkel bezwaar bestond om met zulke, door de ‘hooggeplaatsten’ van die tijd, verachte tollenaars samen te eten. Levi verlangde er naar om zijn vreugde: van Jezus te zijn, met zijn ‘vrienden’ te delen en bracht ze dus met hem bijeen aan één tafel. Wat een diepe verandering vond er plaats in het leven van Levi!

Hij, de gearriveerde burger, werd leerling van de Messias en liet zich van af nu niet meer bepalen door wat achter hem lag, maar door al hetgeen hij van zijn Heer zou gaan ontvangen. Is dit niet het grote geheimenis van het volgen van Jezus? Ook voor ons?! Hij heeft toch niet zomaar gezegd: Niemand, die de hand aan de ploeg slaat en ziet naar hetgeen achter hem ligt, is geschikt voor het Koninkrijk Gods (Lucas 9:62).

En Paulus zegt …, maar één ding doe ik: vergetende hetgeen achter mij ligt, en mij uitstrekkende naar hetgeen vóór mij ligt, jaag ik naar het doel, om de prijs der roeping Gods, die van boven is, in Christus Jezus (Fil.3:14). Ook hier wordt weer een werkwoord gebruikt dat zo veel te maken heeft met dat: ‘alles achterlaten’. Hier staat in de grondtekst een werkwoord dat zoiets betekent als: verwaarlozen, zich niet langer bekommeren om.

Wat hebben wij een echte openbaring van de levende Heer nodig, om zo onder de indruk van Hem te raken, dat we echt los komen van, zoals Jezus het noemde: de zorgen van de wereld en het bedrog van de rijkdom en de begeerten naar al het andere … (Marcus 4:19). Wat een zegen dat er nog plekjes zijn, stukjes Gemeente van Christus, waar deze bevrijdende openbaring nog werkelijkheid kan zijn.

Bijbeltekst week 2022 – 18

God zegent ons, opdat alle einden der aarde Hem vrezen.

Psalm 67:8

De tafeltekst voor de komende week is een woord uit de Psalmen. Deze psalm, waarschijnlijk geschreven door koning David, is geschreven als een ‘danklied voor de oogst’. Het doel van de zegen die God ons schenkt, is niet in de eerste plaats dat wij voorspoedig zijn. Maar dat we door deze zegen van God leren om Hem te vrezen: het hebben van diepe eerbied en kinderlijk ontzag voor Hem, Die ons schiep en voor ons zorgt.

In het bijbelboek Spreuken schrijft koning Salomo over deze vrees: Laat je hart … heel de dag blijven in de vreze des HEEREN. Want juist dan is er toekomst, en wordt je hoop niet afgesneden (Spr.23:17 HSV). De profeet Jesaja profeteert over de Messias: En op hem zal de Geest des HEREN rusten, de Geest van wijsheid en verstand, de Geest van raad en sterkte, de Geest van kennis en vreze des HEREN; ja, zijn lust zal zijn in de vreze des HEREN (Jes. 11:2,3).

Vrees voor God is geen angst, maar vol aanbidding verrukt zijn van Vader. Dit krijgt gestalte in ons leven door beproeving en strijd. Als we bang zijn voor God, dan proberen we Hem te ontlopen, maar als we met ontzag vervuld zijn, dan willen we Hem kennen in al onze wegen, opdat Hij onze paden recht zal maken. Ken Hem in al uw wegen, dan zal Hij uw paden recht maken (Spr.3:6).

In Handelingen wordt van de gemeente getuigd: De gemeente dan door geheel Judea, Galilea en Samaria had vrede; zij werd opgebouwd en wandelde in de vreze des Heren (Hand.9:31). Als deze vreze des HEREN werkelijkheid wordt in ons leven, dan gaan we misschien ook iets beleven van het geheimenis van deze psalm uit onze tafeltekst. Om dit geheimenis duidelijk te maken, onderstrepen we even een gedeelte uit deze drie verzen: God, onze God, zegent ons, opdat alle einden der aarde Hem vrezen. We zouden het tweede gedeelte: opdat alle einden der aarde Hem vrezen, ook kunnen vertalen met: opdat er niemand op aarde zal zijn die Hem niet vreest.

De zegen van God die ons ten deel valt, moet dus verder reiken dan ons eigen leven. Daarom is het goed om de bede (van David) in ons hart over te nemen: 6. Dat de volken U loven, o God, dat de volken altegader U loven. Het woord ‘altegader’ past niet meer in onze taalbeleving. Het betekent gewoon ‘al’ of ‘alle’ en over het woordje ‘volk’ hoeven we ook niet zo weids te denken. Het Hebreeuwse woord hiervoor wordt ook vaak vertaald met: mensen of familie (2 Koningen 4:13).

Zo mogen de mensen die wij ontmoeten, getuigen zijn van de verwondering en dankbaarheid aan onze hemelse Vader, voor de ons geschonken zegen; opdat alle einden der aarde Hem vrezen.

Bijbeltekst week 2022 – 17

Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen … En houd dit voor ogen: Ik ben met  jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld.

Mattheüs 28:19,20b (NBV)

Na Zijn opstanding uit de dood zei Jezus tegen Zijn discipelen: ‘Ga dus op weg’. Waar slaat dat woordje ‘dus’ op? Op datgene wat Hij aan deze woorden vooraf liet gaan: ‘Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde.’

De apostel Paulus zegt het, vele jaren later, op een andere manier: En als mens verschenen, heeft Hij Zich vernederd en werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis. Daarom heeft God Hem hoog verheven en Hem de naam geschonken die elke naam te boven gaat, opdat in de naam van Jezus elke knie zich zal buigen, in de hemel, op de aarde en onder de aarde, en elke tong zal belijden: ‘Jezus Christus is Heer,’ tot eer van God, de Vader. (Filippenzen 2:8-11 NBV) 

Hoe kunnen we de vrijdag dat Jezus stierf aan dat kruis ‘Goede Vrijdag’ noemen, als we niet met hart en ziel beleven dat Hij uit de dood is opgestaan? Dat kunnen we alleen van harte geloven als Hij Zelf ons, tot onze verwondering, doet ervaren, van dag tot dag, dat Hij met ons is. Jezus belooft ons niet alleen dat Hij elke dág er weer voor ons zal zijn, maar Hij belooft dat Hij met ons zal zijn tot aan de voleinding van deze wereld.

Deze tegenwoordige wereld is hard onderweg om zichzelf te vernietigen, omdat de mensen alleen nog maar geloven in zichzelf en krampachtig trachten voor alle problemen zelf een oplossing te vinden. Het mensdom is het wezenlijke van de Paasboodschap kwijtgeraakt door de verafgoding van het hier en nu. Waar is nog de onvoorwaardelijke gehoorzaamheid aan God te vinden? Ja, bij onze uit de dood verrezen Heiland! En Hij spreekt niet alleen over de voltooiing van deze wereld, maar Hij richt ons op wat daarna zal komen:

Jezus werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis. Daarom heeft God Hem hoog verheven en Hem de naam geschonken die elke naam te boven gaat, opdat in de naam van Jezus elke knie zich zal buigen, in de hemel, op de aarde en onder de aarde, en elke tong zal belijden: ‘Jezus Christus is Heer,’ tot eer van God, de Vader. 

Onze levende Heer komt terug op aarde en allen die de ondergang van de huidige wereld overleefd hebben, zullen daar getuigen van zijn. Daarom is het Paasfeest het feest van ‘leven uit de dood’ voor ieder mens die aan de Paasboodschap gehoor heeft gegeven. Ook voor ons klinkt daarom meer dan ooit, de boodschap: ‘Ga dus op weg en maak al de volken tot mijn leerlingen.’ Dit is een voor ons onmogelijke opdracht. Maar onze Heer heeft uitdrukkelijk gezegd: ‘Wat bij de mensen onmogelijk is, is mogelijk bij God.’ (Lucas 18:27 NBV)

Daarom zal het voor iedereen, die nu de Paasboodschap serieus heeft genomen, straks ook echt Pinksteren worden: … maar gij zult kracht ontvangen, wanneer de Heilige Geest over u komt, en gij zult Mijn getuigen zijn te Jeruzalem en in geheel Judea en Samaria en tot het uiterste der aarde. (Handelingen 1:8)

En besef het goed; wie deze woorden serieus neemt, begint eenvoudig in het eigen ‘Jeruzalem’ …

Bijbeltekst week 2022 – 16 (Paasfeest)

Want de liefde van Christus dringt ons, daar wij tot het inzicht gekomen zijn, dat één voor allen gestorven is. Dus zijn zij allen gestorven. En voor allen is Hij gestorven, opdat zij, die leven, niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem, die voor hen gestorven is en opgewekt.

2 Korintiërs 5:14, 15

Wat een indrukwekkende tafeltekst als voorbereiding voor het komende Paasfeest! Het kan werkelijk een vrolijk Paasfeest worden, als de liefde van Christus ons ‘dringt’. De betekenis van dit werkwoord is: vastgehouden worden. Het is dus de liefde van Christus, die ons vasthoudt, bijeenhoudt.

Wat houdt ons bijeen, wat houdt ons vast? Dat staat er duidelijk bij: wij zijn tot het inzicht gekomen dat Hij voor allen gestorven is. Voor allen betekent voor iedereen, voor alle mensen.

Paulus zegt in de brief aan de Romeinen: Daarom, gelijk het door één daad van overtreding (van Adam en Eva) voor alle mensen tot veroordeling gekomen is, zo komt het ook door één daad van gerechtigheid voor alle mensen tot rechtvaardiging ten leven (Rom.5:18). Paulus is er diep van overtuigd dat: God, onze Heiland, wil dat alle mensen behouden worden en tot erkentenis der waarheid komen (1 Timotheüs 2:4).

Als deze grote waarheid niet tot ons is doorgedrongen kan het onmogelijk een vrolijk Paasfeest worden. Want dan leven we nog in een religieuze roes. Die ‘roes’ zorgt er voor dat de boodschap van Pasen niet echt tot ons hart kan doordringen. Dan is de overlevering, dat Jezus is gestorven en opgestaan, slechts een tweeduizend jaar oud ‘verhaal’. Echt vrolijk Paasfeest zal het slechts zijn voor degenen die de woorden van Paulus, waarmee hij de brief aan de Romeinen begint, ook echt beleven: Jezus Christus, onzen Heer, die krachtig bewezen is door de opstanding uit de doden, de Zoon Gods te zijn  (Rom.1:4 Luth.vertaling).

Een ‘verhaal’ is geen bewijs van een zaak. Dus het verhaal over Jezus’ opstanding uit de doden is geen bewijs. Jezus Zelf geeft voortdurend het bewijs, dat Hij als Gods Zoon is opgestaan uit de doden, doordat Hij Zijn Woord waar maakt: En zie, Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld (Matth.28:20). Wie dit ervaart in het dagelijkse leven, heeft echt iets te gedenken, te vieren met Pasen. Dan beleven we ook de ernst van de werkelijkheid van onze tafeltekst: En voor allen (lees: voor alle mensen) is Hij gestorven, opdat zij, die leven, niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem, die voor hen gestorven is en opgewekt.

Als wij Zijn nabijheid tot in elk detail van onze dagelijks leven beleven, dan is het Paasfeest in waarheid te vieren en geeft ons leven vrucht voor Zijn Koninkrijk.

Als Jezus, ook in ons leven, Zijn nabijheid doet ervaren, wordt het Paasfeest het feest van daadwerkelijke bevrijding uit het slavenhuis van ons eigen denken, en zal ons leven vrucht dragen, in deze bange wereld, voor Gods naderende Koninkrijk.

Bijbeltekst week 2022 – 15

Vestigt uw aandacht dan op Hem, die zulk een tegenspraak van de zondaren tegen Zich heeft verdragen, opdat gij niet door matheid van ziel verslapt.

Hebreeën 12:3

In deze voorbereidingstijd naar Pasen toe, staan we stil bij een Bijbeltekst uit de brief aan de Hebreeën. Deze tekst spreekt over de dienende gezindheid van Jezus.

Aan het begin van onze tafeltekst staat het woordje ‘dan’. Dit kunnen we ook vertalen met ‘daarom’; dit legt het verband met wat er voor staat. Dat is heel belangrijk! Want de voorgaande teksten geven een prachtige schildering van Jezus, onze Heiland, die voor ons gekruisigd is en opgestaan uit de dood. Daarom schrijven we vers 1 en 2 maar even op: Daarom dan, laten ook wij, nu wij zulk een grote wolk van getuigen rondom ons hebben, afleggen alle last en de zonde, die ons zo licht in de weg staat, en met volharding de wedloop lopen, die vóór ons ligt. Laat ons oog daarbij [alleen] gericht zijn op Jezus, de leidsman en voleinder van het geloof, die, om de vreugde, welke vóór Hem lag, het kruis op Zich genomen heeft, de schande niet achtende, en gezeten is ter rechterzijde van de troon Gods.

Wat is het belangrijk dat de vreugde in de Here ons leven bepaalt en niet de schande, niet het lijden dat ons wordt aangedaan: … weest dus niet verdrietig, want de vreugde in de HERE, die is uw toevlucht. (Nehemia 8:11b) Want alles wat ons, in de dienst aan Hem, overkomt, is te doorstaan als we onze aandacht vestigen op Hem. De onderstreepte woorden zijn met elkaar een werkwoord dat de betekenis heeft van: overdenken, overwegen.

De oproep aan ons is dus om, onder alle omstandigheden te overwegen, te denken aan Jezus, die zo ontzettend veel ‘tegenspraak’ heeft ondergaan. ‘Tegenspraak’ kan een woordentwist zijn, maar veel verdrietiger is het, als je merkt dat je niet serieus wordt genomen in je verlangen om de ander mee te nemen in dat wat je zeker weet dat Gods bedoeling is. Jezus heeft het in Zijn lijden uitgeroepen: O ongelovig en verkeerd geslacht, hoelang zal Ik nog bij u zijn en u verdragen? (Lucas 9:41) Het woord ‘tegenspraak’ is ook te vertalen met: zich tegen iemand verzetten, weigeren iemand te gehoorzamen, protesteren, weigeren om iets met iemand te maken te hebben.

In Zijn grote liefde voor zondaren heeft Jezus dit alles ‘verdragen’, dat wil zeggen: Hij is voortdurend aanwezig gebleven, zonder door de tegenstanders bepaald te worden. ‘Verdragen’ betekent dan ook: volharden. Dit wordt in de Bijbel meestal vertaald met: onder tegenslag en beproeving vasthouden aan het geloof.

En bij ‘zondaren’ moet we niet in de eerste plaats denken aan wat wij ‘slechte mensen’ vinden, maar aan mensen die: het doel missen, die niet bewust deel hebben aan het plan van God met deze wereld. Dat zijn dus alle mensen, die zich niet laten leiden door de Heilige Geest in al hun denken en handelen…

Als je leven niet door onze Heer bepaald wordt, maar door de mensen die ons omringen, dan komt er ongemerkt een ‘matheid’ over je. In de tekst staat hiervoor een werkwoord dat betekent: 1) moe worden 2) ziek zijn. Voor je het weet word je dan ‘zielig’. En dan blijft er geen energie meer over; niet voor het komende Koninkrijk, maar het gaat nog verder:.. eigenlijk voor niets. De tekst voor de komende week beschrijft dit met het woordje ‘verslappen’ en dat betekent ook: moedeloos worden, wanhopen.

De schrijver van de brief aan de Hebreeën geeft ons deze week dus een heel goede raad, voor de rest van ons leven: laat de vreugde die voor ons ligt – de komst van Zijn Rijk – ons denken en handelen bepalen, zonder te verslappen. Dan zullen we kracht ontvangen om de goede strijd te blijven strijden!

Bijbeltekst week 2022 – 14

Jezus Christus, onze Here, gesproten uit het geslacht van David naar het vlees, (heeft) naar de geest der heiligheid door zijn opstanding uit de doden verklaard Gods Zoon te zijn in kracht.

Romeinen 1:3,4

Bovengenoemde tafeltekst kunnen we gebruiken als voorbereiding op het komende Paasfeest. Met deze paastekst begint Paulus zijn beroemde brief aan de Gemeente te Rome. Natuurlijk! Want hierin wordt de kern van het leven verwoord. Hier moet het, in ons leven, immers altijd om gaan: om Jezus, de Christus: ’de Gezalfde’ betekent dat. We kunnen het ook vertalen met: de Aangewezene, de Beloofde.

De Christus, in het Hebreeuws ‘de Messias’, is degene, die God al aan Adam en Eva beloofd heeft, dat Hij eens zou komen om de mens te verlossen uit de ban van de zonde. We moeten bij ‘zonde’ niet denken aan handelingen die niet goedgekeurd kunnen worden, maar aan een veel diepere betekenis van
het woord: doel gemist.

God heeft de mens geschapen, met twee mogelijkheden: tevreden zijn met alles wat het tijdgebonden leven hier op aarde biedt, of: in dit tijdgebonden leven kiezen voor het eeuwige leven. De eerste mogelijkheid is nodig om tot het werkelijke doel te komen: het eeuwige leven. Dit grootse heeft God aan de mens meegegeven door het beloven en zenden van de Messias, Jezus Christus, onze HERE.

Heel het Oude Testament, de Tenach, het Boek van de Joden, getuigt van de komende Messias. Het leven ‘hier en nu’ heeft de kans in zich om bevrucht te worden, bevrucht met het Woord van God: Jezus Christus, onze HERE. Wat hebben deze vier woorden een diepe inhoud!

Jezus, de zoon van de timmerman uit Nazareth? Nee, Jezus de Zoon van David is de Christus, de Beloofde. Hij is de Verzoener van de zonde, van het: niet tot het doel komen. Hij is, van vóór de grondlegging der wereld, daartoe van Godswege bestemd: Hij was van tevoren gekend, voor de grondlegging der wereld, doch is bij het einde der tijden geopenbaard ter wille van u, …(1 Petrus 1:20) Niet voor een bepaalde groep mensen, maar voor álle mensen: … en Hij is een verzoening voor onze zonden en niet alleen voor de onze, maar ook voor die der gehele wereld. (1 Johannes 2:2)

Toch gaat bijna de hele wereld aan de Paasboodschap voorbij! Dat komt, omdat voor de hele wereld Jezus Christus misschien nog wel een historische figuur is, maar geen HERE . . . ‘Here’ betekent ook ‘keizer’. Als Jezus Christus onze HERE wordt, dan is Hij degene die meester of bezitter is van ons, omdat wij Hem de bevoegdheid hebben gegeven om in alles te beslissen, het laatste woord te hebben. Waar Jezus werkelijk HERE wordt in ons leven, wordt ons tijdgebonden leven bevrucht tot een nieuwe schepping.

Het Paas ‘verhaal’ is niet bevruchtend! De kracht van onze tafeltekst zit in de woorden: … (heeft) door zijn opstanding uit de doden verklaard Gods Zoon te zijn in kracht. We zouden deze woorden ook zo kunnen vertalen: die krachtig bewezen heeft Gods Zoon te zijn door zijn opstanding uit de doden.

Dan is het Paas-verhaal niet langer een verhaal van meer dan tweeduizend jaar oud. Het woord ‘kracht’ heeft de betekenis van: macht die in iets woont overeenkomstig zijn aard. Jezus ‘verklaart’ door de macht die in Hem woont, overeenkomstig Zijn aard, Zijn wezen, Gods Zoon te zijn. Dit ‘verklaart’ betekent: duidelijk maken, openbaar maken. Dan hebben we niets meer te maken met het ‘verhaal’, maar met de openbaring van Jezus als de Christus, de Gezalfde Gods in ons leven. Alleen deze openbaring van de levende Here in ons leven, maakt Hem tot degene, die het voor het zeggen heeft in ons leven. Dat alleen maakt Hem tot HERE.

Velen zijn gestorven voor een goed doel, maar alleen Jezus is niet alleen gestorven, maar Hij is opgestaan, verrezen uit de dood! Als Hij tot HERE is geworden in ons leven, kunnen we echt Pasen vieren: de bevrijding uit de slavernij van de zinloosheid van het onbevruchte, tijdgebonden bestaan.

Toelichting bij PASEN 2022

Het Paasfeest is van oorsprong een Oud Testamentisch feest. De Israëlieten kregen de opdracht dit feest jaarlijks te vieren, om daarin te gedenken dat God hen uit het slavenhuis, uit Egypte, geleid had. Dit feest valt in de maand Abib, (ongeveer april): ‘Deze maand zal u het begin der maanden zijn; zij zal u de eerste der maanden van het jaar zijn’ (Exodus 12:2).

Op de 10e van deze maand moesten de Israëlieten een gaaf, mannelijk, éénjarig stuk kleinvee nemen en dat apart zetten tot de 14e van de maand, om het dan in de avondschemering te slachten en gedurende de nacht op te eten (:5,6). Vier dagen werd het Paaslam apart gezet om geslacht te worden. ‘Vier’ is in de Bijbel het symbolische getal van de voorbereiding.

Als later Johannes de Doper zijn discipelen op de Here Jezus wijst, dan zegt hij: ‘Zie, het Lam Gods, dat de zonde der wereld wegneemt’ (Johannes 1:29-36). Voor de gelovige Jood was het Paaslam een beeld van de Messias en Johannes zegt hier dus eigenlijk: ‘Zie, de Messias!’ Ook de apostel Johannes trekt deze vergelijking later door als hij Exodus 12:46 citeert: ‘Want dit is geschied, opdat het Schriftwoord zou vervuld worden: Geen been van Hem zal verbrijzeld worden’ (Johannes 19:36).

En zoals het bloed van het paaslam, op de deurposten van de huizen gestreken, de doodsengel aan de gelovigen voorbij deed gaan (Exodus 12:13), zo werd ook het bloed van Jezus voor velen vergoten tot verzoening van hun zonden (Mattheüs 26:28). Daarom vieren we ieder jaar, vaak bijna gelijk met het Joodse volk, het Paasfeest, om te gedenken dat Jezus als ons Paaslam is geslacht tot verzoening van al onze zonden (1 Korintiërs 5:7).

Bijbeltekst week 2022 – 13

Nu gij Christus Jezus, de Here, aanvaard hebt, wandelt in Hem.

Kolossenzen 2:6

De tafeltekst voor deze week willen we graag gebruiken als voorbereiding voor het komende paasfeest. In dit feest vieren we dat Jezus uit de doden is opgestaan. Deze viering krijgt pas kracht, als we Hem in ons dagelijks leven aanvaarden als onze Heer; degene die het voor het zeggen heeft in ons leven. Jezus Christus, de Messias, de Beloofde, die God al aan Adam en Eva beloofd heeft.

Jezus heeft in Zijn leven hier op aarde getoond dat Hij de Christus is, doordat Hij de tekenen van de Christus, die de profeten hadden genoemd, volbracht heeft: Toen dan de mensen zagen, welk teken Hij verricht had, zeiden zij: Deze is waarlijk de profeet, die in de wereld komen zou (Joh.6:14). Maar het is niet genoeg dat wij alleen geloven dat Jezus de Messias is, door de tekenen die Hij verricht heeft. Dat doen de duivel en de boze geesten immers ook:

….(maar) dat geloven de boze geesten ook en zij sidderen. (Jac.2:19)

Het onderscheid tussen de kinderen van de duisternis en de kinderen van het licht is, dat de kinderen van het licht niet alleen aanvaarden dat Jezus de Christus is, maar Hem daarom ook aanvaarden als Here

Het mooie van het werkwoord ‘aanvaarden’ is, dat het niet alleen betekent: aanvaarden of erkennen dat Jezus is wat Hij zegt te zijn. Want dit werkwoord is afgeleid van een ander werkwoord dat de betekenis heeft van: iemand aan zich verbinden als metgezel. Het werkwoord ‘aanvaarden’ geeft in de tafeltekst dus aan dat we niet alleen erkennen dat Jezus werkelijk de Messias, de Verlosser is, maar dat we Hem daarom ook aanvaarden als onze Metgezel, onze Levenspartner, als iemand die we betrekken in alles van ons leven. . .

Maar in de ogen van Paulus is dat nog niet voldoende. Hij zegt tegen de gemeente te Kolosse: aangezien jullie geloven dat Jezus inderdaad jullie Verlosser is en Hem daarom wilt kennen in alle aspecten van jullie leven . . ., wandelt dan ook in Hem. ‘Wandelen’ betekent in het Joodse denken: leven. En dan gaat het hierbij niet om het eeuwige leven, maar het dagelijks leven hier op aarde, de belevingen van iedere dag.

Paulus maakt dit heel duidelijk in de tweede brief aan de gemeente te Korinthe:

Want al leven wij in het vlees (hier op aarde), wij trekken niet ten strijde naar het vlees, want de wapenen van onze veldtocht zijn niet vleselijk, maar krachtig voor God ... (2 Kor. 10:3,4)

Wat zou het heerlijk zijn als we bij het lezen van deze tafeltekst gaan verstaan, dat Jezus niet alleen voor de vergeving van onze zonden is gestorven aan het Kruis van Golgotha, om ons daardoor het eeuwige leven te schenken, maar dat Hij is opgestaan uit de doden om met ons te zijn, ons aardse leven lang. Als Metgezel, als Levenspartner, om ons tijdens ons aardse leven te leren leven als Hemelburgers, als vreemdelingen op aarde, tot een getuigenis voor alle mensen om ons heen.

Dan mogen we elke dag vieren dat Jezus gezegd heeft: En zie, Ik ben met u al de dagen, tot aan de voleinding der wereld. (Matt. 28:20) Zo wordt ieder paasfeest dan altijd weer opnieuw een aansporing om het avontuur van het leven met Hem aan te gaan, totdat Hij terugkomt op aarde. Als hulp om deze tafeltekst beter te verstaan, hier nog een vrije vertaling:

Aangezien jullie Jezus als de Christus in jullie leven hebt opgenomen als jullie Levensgezel, laat jullie leven dan ook in alles door Hem bepalen.

Bijbeltekst week 2022 – 12

De wereld gaat voorbij en haar begeren, maar wie de wil van God doet, blijft tot in eeuwigheid.

1 Johannes 2:17

In de tijd waarin wij nu leven, met oorlogen en dreigingen van oorlogen, moet de tekst van deze week ons wel bijzonder aanspreken! Angst grijpt ons allen aan: waar gaat het toch heen? Hoe indrukwekkend staat onze tafeltekst hier tegenover: De wereld gaat voorbij. Of onderstrepen deze woorden juist het actuele gebeuren? De ondergang van onze beschaving staat voor de deur. Wat een rust geven deze woorden van de apostel Johannes, als we beseffen dat hij dit ruim tweeduizend jaar geleden schreef.

Waar zal hij aan gedacht hebben toen hij deze woorden schreef, wat zal hij hebben gezien? Veel belangrijker is het voor ons om te mogen verstaan, wat God ons nu wil zeggen als we deze tweeduizend jaar oude woorden tot ons laten doordringen, als we ze biddend opzeggen. Als Johannes het over de ‘wereld’ heeft, dan gebruikt hij het Griekse woord ‘kosmos’. Dit kan hier vertaald worden met: de mensheid. Maar ook, zoals het woordenboek ons vertelt, met: het geheel van aardse goederen, rijkdommen, voordelen, genietingen, enz. Hoewel deze aardse goederen in feite hol, zwak en voorbijgaand zijn, wekken ze het begeren op, leiden van God af en zijn hinderpalen voor de zaak van Christus.

Deze laatste uitleg van het woord ‘kosmos’ willen we graag onderstrepen. Voor ons betekenen de woorden van Johannes dat al het ‘tijdgebondene’, wat ons zo verschrikkelijk van de zaak van Christus afleidt, voorbij gaat. Je zou dit ‘voorbij gaan’ ook kunnen vertalen met: er aan voorbij gaan, misleiden of verleiden.

Als Mozes aan Israël Gods geboden geeft, dan leert hij hun ook: ‘gij zult niet begeren’… We weten allemaal in ons leven wat een macht het ‘begeren’ heeft. Maar we mogen ook merken dat, in de groeiende liefde van en voor Jezus, het begeren, in welke vorm dan ook, wegsmelt als sneeuw voor de zon. Alleen als we dit wonder ervaren in ons eigen leven, gaan we verstaan wat Johannes tijdloos bedoelde met: En de wereld gaat voorbij en haar begeren.

Dit is een heilig verstaan van de woorden van God. Het geheimenis, om tot dit verstaan te komen, staat in het vervolg: maar wie de wil van God doet, blijft tot in eeuwigheid. Helaas blijft voor velen dit geheimenis een verborgenheid. Want: wat zal Johannes bedoeld hebben met: de wil van God doen? Allereerst: wat is de wil van God? We kunnen dit vertalen met: wat God verlangt dat door ons gedaan moet worden… Wat prachtig dat er niet staat: wat God eist dat door ons gedaan moet worden…

Alleen in de innige wandel met de Here, gaan we iets verstaan van dat diepe, respectvolle verlangen van God. Het is dus uit liefde tot Hem dat we gaan wensen, en uiteindelijk zelfs besluiten om te gaan DOEN wat Hij verlangt dat we zullen doen. Dit is het werk van Gods Geest aan de harten van mensen die naar God Zelf vragen.

Zo kan God verloren mensen maken tot hemelburgers. En het hoeft toch echt geen uitleg, dat hemelburgers tot in eeuwigheid ‘blijven’: aanwezig blijven, voortdurend vastgehouden worden.

Bijbeltekst week 2022 – 11

En de HERE zal u voortdurend leiden, u in dorre streken verzadigen en uw gebeente krachtig maken; dan zult gij zijn als een besproeide hof en als een bron waarvan het water niet teleurstelt.

Jesaja 58:11

We hebben het wel vaker gezegd, maar toch is het goed ons er weer even aan te herinneren waarom we iedere week een tafeltekst hebben. Onze maaltijden mogen ontmoetingen met God en met elkaar zijn (worden). Dat is de diepe inhoud van de woorden van Jezus uit Johannes 21:12  Jezus zeide tot hen: Komt en houdt de maaltijd.

Dit was niet het ‘Heilig Avondmaal’, maar een gewone maaltijd, die ongewoon werd door de aanwezigheid van Jezus en daardoor tot een gewone, heilige maaltijd werd. Er was geen bijzonder brood en geen bijzondere wijn, maar al het gewone wordt geheiligd door het Woord van God en door het gebed:1 Timotheüs 4:4,5 Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets daarvan is verwerpelijk, als het met dankzegging aanvaard wordt, want het wordt geheiligd door het woord Gods en door gebed.

Echt maaltijd houden, zoals God het voor ons bedoelt, is een heilig gebeuren, een samen komen voor Zijn aangezicht. Het wordt een heilig gebeuren door de maaltijd te ‘omkleden’ met het Woord van God en met het gebed. Het gebed moet dan ook echt een gebed, een spreken met God zijn en de tafeltekst echt Woord van God. Zowel het gebed als de tekst zullen echt zijn, als we verwonderd zijn en ons gelukkig prijzen dat we elkaar in Jezus mogen ontmoeten tijdens het houden van de maaltijd (Joh. 21:12).

En nu dan nog iets over de tafeltekst van deze week. De inhoud van deze tekst dringt pas volkomen tot ons door als we deze woorden in ons hart laten staan in het geheel van de woorden van Jesaja. Daarom is het goed om gedurende dit weekend heel het gedeelte van Jesaja 58 te lezen voordat we de nieuwe week in gaan.

We lezen hier de twee voorafgaande teksten: Jesaja 58:9,10 Wanneer gij uit uw midden het juk wegdoet, het wijzen met de vinger en het spreken van boosheid nalaat, wanneer gij de hongerige schenkt wat gij zelf begeert en de verdrukte verzadigt, dan zal in de duisternis uw licht opgaan en uw donkerheid zal zijn als de middag. En….  Er is dus een duidelijke voorwaarde verbonden aan de rijke belofte van onze tafeltekst!

Wanneer gij uit uw midden het juk wegdoet,… Als in de Bijbel ‘het juk’ figuurlijk wordt gebruikt, dan wordt daar altijd mee bedoeld: het juk van onderdrukking. En let vooral op de zinsnede: uit uw midden. Als de een zich te midden van de anderen verheft, worden we een bedreiging voor elkaar. Dan is er sprake van het juk van onderdrukking.

Is het niet verschrikkelijk, als we met de vinger naar elkaar wijzen, boze woorden spreken over elkaar, en elkaar een juk opleggen, een last, in plaats van elkaar op te beuren, te bemoedigen en te vertroosten. Is het niet huiveringwekkend dat, terwijl God Zijn Geest der vertroosting en bemoediging geeft, we nog de moed hebben het omgekeerde met elkaar te doen? Als we de hongerige en de verdrukte onder ons niet geven wat we zelf begeren, dan maken we de hemel van koper!

Hiervan verlost God ons niet, maar Hij nodigt ons uit om dit zelf uit ons midden weg te bannen opdat…Ja dán pas wordt onze tafeltekst actueel en gaan we verstaan met wat voor een passie, met welk een verlangen God dán deze woorden tot ons spreekt:

En de HERE zal u voortdurend leiden, u in dorre streken verzadigen en uw gebeente krachtig maken; dan zult gij zijn als een besproeide hof en als een bron, waarvan het water niet teleurstelt.

Bijbeltekst week 2022 – 10

Maar wie de HERE verwachten, putten nieuwe kracht; zij varen op met vleugelen als arenden; zij lopen, maar worden niet moede; zij wandelen, maar worden niet mat.

Jesaja 40:31

De tafeltekst voor deze week begint met ‘Maar’. Er staat dus iets voor, wat belangrijk is. Jongelingen worden moede en mat, zelfs jonge mannen struikelen (Jesaja 40:30). In tegenstelling met wat hier vermeld staat, volgt dan onze tekst: maar wie de HERE verwachten… Ach, wat zijn we vaak moe! Het leven is ook zo ‘heftig’ zeggen we dan vaak. Ook in deze tijd: zoveel nieuwe situaties, oorlogsdreiging, zoveel om over na te denken. Wat fijn dat in de Bijbel staat dat zelfs jongelingen moe en mat worden en struikelen.

Graag zetten we dan een punt, maar onze tafeltekst zet een komma! ‘…, maar wie de HERE verwachten,…’ Dan rijst de vraag: verwachten wij de HERE nu werkelijk, of is het slechts een godsdienstige gedachte? Wat zou het ons goed doen, als we de moed hadden, om ons voor Gods aangezicht af te vragen of we eigenlijk wel in de praktijk van ons dagelijks leven echt Hem verwachten.

‘Leer ons U meer verwachten, Heer’, zou dan ons gebed mogen worden. Het mag ook het gebed van deze komende week worden! Hij alleen immers kan ons leren wat het inhoudt om Hem echt te verwachten. We hebben de zalving van Gods Geest nodig om te leren leven en van daaruit op Hem te vertrouwen, Die de Bron van alle leven is!

Echt verwachten zet je in beweging, want ‘verwachten’ betekent ook ‘uitzien naar’ en het betekent nog meer. In de Bijbel wordt dit werkwoord ook wel vertaald met: ‘verzamelen, samenbinden’. Wat een rijkdom om te beseffen dat het verwachten van de HERE ons samenbindt, ons verenigt. Ja, dat geeft eigenlijk op zich zelf al nieuwe kracht. En het woord ‘kracht’ mag ook vertaald worden met ‘mogelijkheid’. Het verwachten van de HERE schept dus nieuwe mogelijkheden, maakt ons creatief!

Als je de diepe inhoud van deze tafeltekst tot je laat doordringen, dan strek je de kromme schouders en ga je diep adem halen, verwachtingsvol uitziende naar wat Zijn komst toch eigenlijk allemaal wel zal inhouden. En het vervolg van onze tafeltekst wijst ons in de goede richting. Daarom is het misschien wel goed om de hele tekst met elkaar op te zeggen, bij iedere maaltijd van deze week: zij varen op met vleugelen als arenden; zij lopen, maar worden niet moede; zij wandelen, maar worden niet mat.

Bijbeltekst week 2022 – 09

Wij danken God altijd om u allen, wanneer wij u gedenken bij onze gebeden.

1 Thessalonicenzen 1:2

Als we de tafeltekst van deze week goed tot ons door laten dringen, dan vragen we ons af of deze tekst wel geschikt is als tafeltekst… Maar waarom zou niet juist als we aan tafel gaan, een gelegenheid tot gebed zijn. Moet je je voorstellen wat Paulus hier eigenlijk zegt: Telkens als wij u gedenken in onze gebeden. Eigenlijk zegt hij letterlijk: U gedenkende in onze gebeden.

Allereerst iets over: onze gebeden. Voor ‘gebed’ worden in het Nieuwe Testament veel woorden gebruikt. Het meest komt voor een woord dat de betekenis heeft van: ontmoeting, gesprek (met God). In zo’n gebed worden zaken duidelijker door Gods onderwijzingen.

Maar in onze tafeltekst wordt een woord gebruikt, waar het accent meer ligt op: het samen komen voor Gods aangezicht voor een bepaalde zaak, b.v.: Uw Koninkrijk kome. Het is zoiets als: samenkomen om iets aan God voor te leggen. Dit woord wordt niet alleen vertaald met ‘gebed’ maar ook voor het aanduiden van de plaats die apart is gezet om te bidden. Vaak een plaats in de open lucht, in ieder geval een stil plekje. Als in de Bijbel dit woord gebruikt wordt voor de Joden, die te gering in aantal waren om een echte synagoge te bouwen, of waar de vrouwen graag apart samen kwamen voor gebed, dan wordt dat meestal vertaald met ‘gebedsplaats’.

Wij zouden ook een gelegenheid, een plek moeten hebben, waar we bewust samen komen (gezamenlijk, eendrachtig), om bepaalde belangrijke zaken aan God voor te leggen, voorbede te doen. Paulus zegt dat, als zij, een groep gelovigen dus, bijeenkomen om God bepaalde zaken voor te leggen, om voorbede te doen, zij God ‘danken’.

Wat beleven wij eigenlijk, als we God voor iemand of voor een groep mensen ‘danken’? Het werkwoord dat Paulus hier gebruikt, beeldt een innige band uit: blij zijn met het feit dat we ons met elkaar verbonden weten in en door onze Heer. Het wonderlijke is dat dit niet inhoudt dat we blij zijn dat we zo veel aan elkaar hebben, maar dat we er voor elkaar mogen zíjn. Want dit werkwoord houdt ook in: de instelling om iemand in een gevaarlijke situatie te beschermen.

Nu zijn we, zoals de Bijbel ons leert, voortdurend in een gevaarlijke situatie, want Petrus zegt: Wordt nuchter en waakzaam. Uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden (1 Petrus 5:8). In dit besef willen zij daarom de Gemeente te Thessalonica ‘gedenken’. Dat betekent: tijd ervoor nemen om aan hen te denken, opmerkzaam te zijn, te waken over.

Paulus zegt hier dus zoiets als dat zij, telkens wanneer zij samenkomen op een plaats van gebed, hun aandacht wijden aan, opmerkzaam zijn op de gemeente te Thessalonica. En dat zij dan een dankbaar gevoel krijgen, dat God hen in de gelegenheid gesteld heeft om in de bres te staan voor deze mensen, hen voortdurend ‘de voeten te willen wassen’ (Joh.13:14,15), zodat de boze geen vat op hen kan hebben.

Als we zo onze tafeltekst deze week biddend opzeggen, dan bidden we dus om een waakzame ziel voor elkaar en voor allen die allerwegen de Naam van onze Here Jezus aanroepen. Dan staan we open voor het ontvangen van een waakzaam priesterhart.

Bijbeltekst week 2022 – 08

Zie, Ik, de HERE, ben de God van al wat leeft; zou voor Mij iets te wonderlijk zijn?

Jeremia 32: 27

De tafeltekst van deze week begint met: ‘Zie’. In het Hebreeuws staat daar een aanwijzend voornaamwoord. Dit woord kan op veel manieren vertaald worden. Inderdaad het meest met ‘zie’. Maar het wordt ook vertaald met: ‘Zie, hier ben Ik’. Leuk om het even zo te vertalen: Zie, hier ben Ik, Ik, die er altijd voor jullie wil zijn, ben het hoogste gezag over alle vlees… 

Maar dit Hebreeuwse woord, waar de tekst mee begint, kan ook vertaald worden met: ‘zo, indien’. Dan wordt de vertaling: ‘Indien Ik, de HERE (Degene die er altijd voor jullie zal zijn), de God (hoogste gezag) ben over alle vlees, zou voor Mij dan iets te wonderlijk zijn?’

En dan nu het woord ‘wonderlijk’. In het algemeen wordt dit Hebreeuwse woord vertaald met ‘wonderlijk’, maar het is een werkwoord, dat vertaald kan worden met: ‘te moeilijk, onmogelijk lijken, iemands macht te boven gaan, moeilijk te doen zijn’. Hiermee wordt natuurlijk ook heel duidelijk betekenis gegeven aan ‘wonderlijk’. Want alles wat onze macht te boven gaat is wonderlijk! Als we dit alles overdenken dan kunnen we onze tafeltekst dus ook zo vertalen: ‘Zie, hier ben Ik, Ik, Degene die er altijd voor jullie wil zijn (HERE), Ik ben het hoogste gezag (Elohim) over alles wat vlees (tijdgebonden) is; zou er voor Mij iets kunnen zijn, dat Mijn macht te boven zou gaan (Ik niet zou kunnen volbrengen)?’

Deze tafeltekst is Gods antwoord op het gebed van Jeremia, dat we heel beslist moeten lezen voor we aan onze tafeltekst gaan beginnen! Het gebed van Jeremia begint met vers 17: Ach, Here HERE, zie, Gij hebt de hemel en de aarde gemaakt door uw grote kracht en uw uitgestrekte arm; niets zou te wonderlijk zijn voor U.

Jeremia twijfelt geen moment aan de almacht van God. Hoe dat komt? Omdat Jeremia’s leven bepaald wordt door het handelen van God. In zijn gebed tot God stelt hij zich al de daden van God voor ogen, vanaf de schepping tot op de dag van vandaag: vers 17 – 22. En dan komt de belijdenis van Jeremia voor het hele volk:

(Jeremia 32:23) maar toen zij gekomen waren en het in bezit genomen hadden, hoorden zij niet naar uw stem en wandelden niet naar uw wet; zij deden niets van alles wat Gij hun geboden hadt te doen; daarom hebt Gij al deze rampspoed over hen gebracht. Zie, de wallen zijn tot aan de stad gekomen om die in te nemen, en de stad is gegeven in de macht van de Chaldeeën die tegen haar strijden, door het zwaard, de honger en de pest; ja, wat Gij gesproken hebt, is geschied; en zie, Gij aanschouwt het.

En terwijl alles geschied is, zoals God eertijds gesproken had (Deut.28 – 30), spreekt God tot Jeremia, die, terwijl heel Israël ontrouw werd, trouw is gebleven aan zijn God: (Jeremia 32:25) Toch hebt Gij zelf tot mij gezegd, Here HERE: Koop u de akker voor de prijs en laat het door getuigen bekrachtigen, terwijl de stad in de macht der Chaldeeën is gegeven!

Ja, God spreekt tot de zijnen, ook al staat de hele wereld met de rug naar God gekeerd; ook in deze tijd geldt dan dit troostvolle woord van de Eeuwige tot Jeremia, voor ons:

Zie, Ik de HERE, ben de God van al wat leeft; zou voor Mij iets te wonderlijk zijn?”

Bijbeltekst week 2022 – 07

Ik ben de wijnstok, gij zijt de ranken. Wie in Mij blijft, gelijk Ik in hem, die draagt veel vrucht, want zonder Mij kunt gij niets doen.

Johannes 15:5

Wat een prachtige tekst voor deze week. Jezus vergelijkt Zich hier met een wijnstok en degenen die van Hem zijn met de ranken, om daarmee uit te drukken hoe nauw de relatie tussen Hem en ons moet zijn. Even daarvoor heeft Hij dit beeld ook gebruikt, maar dan in relatie tot onze hemelse Vader: Ik ben de ware wijnstok en mijn Vader is de landman.

Toch is het beeld dat Hij in het eerste vers gebruikt anders dan in het vijfde. In onze tafeltekst voor deze week splitst Hij de wijnstok op in de wortelstam en de ranken, maar in het eerste vers doelt Hij op de hele plant. Het is goed om te luisteren naar wat Jezus in de eerste verzen zegt, willen we de tekst voor deze week beter begrijpen: Let op wat de Landman (onze hemelse Vader) doet. Hij bekijkt elke rank met grote aandacht. Als Hij ziet, dat er geen vruchten komen aan de rank, dan neemt Hij die tak weg, omdat deze tak niet beantwoordt aan het doel. Want het gaat bij de Landman niet om de ranken maar om de vruchten. Daarom schenkt Hij alle aandacht aan de ranken die wel vrucht dragen.

Vanaf het eerste begin let Hij er op in vreugdevolle zorg, dat de vruchtbare ranken alles krijgen wat ze nodig hebben: lucht, zonlicht; en verder neemt Hij van deze vruchtbare ranken alles weg wat te veel is voor de volle ontwikkeling van de vruchten. Dan bloedt de rank misschien wel even en wellicht begrijpt de rank niet waarom die prachtige zijtakken worden afgeknipt…

Nu de tekst voor deze week:

Ik ben de wijnstok, gij zijt de ranken. Wie in Mij blijft, gelijk Ik in hem, die draagt veel vrucht, want zonder Mij kunt gij niets doen.

Hierin vertelt Jezus hoe het komt dat er takken zijn die veel vrucht dragen. Heel eenvoudig omdat een tak, die niet volledig en gezond met Hem verbonden is, nooit vrucht kan dragen. Er kunnen wel bloesems aan komen, heel veelbelovend, maar na de bloei blijft er niets over.

Zo kunnen ook wij geen vrucht dragen voor Jezus, als wij niet als een rank verbonden blijven met de wijnstok. Evenals de rank geen vrucht kan dragen uit zichzelf, zo kunnen ook wij geen vrucht dragen voor het Koninkrijk, als het leven van Jezus niet door ons heen stroomt!

Als dit tot ons doordringt, wat zullen we dan, bij het lezen van de tekst van deze week, bereid worden om met vreugde en verwondering het snoeimes van de Landman, in ons leven van iedere dag, toe te laten. Omdat het snoeimes van Hem in ons leven een teken is, dat we echt met Jezus verbonden zijn, zoals de rank met de wijnstok. Daarom mogen we vol vertrouwen in de Landman, uitzien naar de vruchten, die heel zeker niet zullen uitblijven.

Bijbeltekst week 2022 – 06

Laat die gezindheid bij u zijn, welke ook in Christus Jezus was, die, in de gestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht, maar Zichzelf ontledigd heeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen, en aan de mensen gelijk geworden is.

Filippenzen 2:5,6 en 7

Deze week staan we stil bij een tekst uit de brief van Paulus aan de gemeente te Filippi; een tekst over de gezindheid van Jezus:

Laat die gezindheid bij u zijn, welke ook in Christus Jezus was’.

Wat is het een indrukwekkende uitnodiging voor ons allemaal om in de voetstappen van onze Heer te mogen gaan. Zijn als Hij in deze wereld, zoals de apostel Johannes het ons zegt:

Hierin is de liefde bij ons volmaakt geworden, dat wij vrijmoedigheid hebben op de dag des oordeels, want gelijk Hij is, zijn ook wij in deze wereld (1 Joh.4:17).

Ja, onze tafeltekst roept ons op om in de gezindheid van een volmaakte liefde, in deze wereld, te leven voor alle mensen om ons heen. God wil dat alle mensen behouden worden zegt de Schrift: God, onze Heiland, die wil, dat alle mensen behouden worden en tot erkentenis der waarheid komen (1 Tim. 2:3,4).

Als wij God gaan lief krijgen met heel ons hart en met heel onze ziel en met geheel onze kracht, zoals Mozes het volk Israël leerde (Deut. 6:5), dan kunnen we het niet langer verdragen dat onze naasten geen deel hebben aan de behoudenis die in Christus is.

Trouwens, dat is toch ook de centrale boodschap van Christus opstanding? Niet hoog verheven, maar de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen, . . . Dat beeldt die wonderlijke gezindheid op zo’n schitterende wijze uit.

Als de rijke inhoud van onze tafeltekst tot ons gaat doordringen, mogen we ons erin verheugen dat deze goddelijke gezindheid ook gestalte mag gaan krijgen in ons leven. Hierdoor gaat ons leven werkelijk vruchtdragend worden voor Zijn komende Rijk.

En als we ons daadwerkelijk laten bepalen door deze Bijbeltekst, over de gezindheid van Jezus, kan het wonder gaan gebeuren dat we niet langer zelfgenoegzaam verder kunnen leven. En dat we ons wakker laten schudden en gaan roepen tot God om ontferming en verlossing van onze eigen manier van denken en leven. Dan gaan we echt vragen om een  ‘hervorming’ van ons denken. Een denken, verlost van de macht van de ‘wereldgeesten’, bepaald door de Geest der Waarheid, waarvan Jezus zegt:

doch wanneer Hij komt, de Geest der waarheid, zal Hij u de weg wijzen tot de volle waarheid; want Hij zal niet uit Zichzelf spreken, maar al wat Hij hoort, zal Hij spreken en de toekomst zal Hij u verkondigen (Joh.16:13).

Door Gods Geest gericht op Zijn toekomst, zullen we dan … de waarheid gaan verstaan, en de waarheid zal ons vrijmaken (Joh.8:32). Wat mogen we ernaar uitzien om, ook in deze  tijd, waarin alle aardse zekerheden wegvallen, ons te laten vormen tot dat ‘normale’ geloofsleven, waarin Jezus ons is voorgegaan en waar onze tafeltekst zo onomwonden over spreekt.

Bijbeltekst week 2022 – 05

HERE, des morgens hoort Gij mijn stem, des morgens leg ik het U voor, en zie uit.

Psalm 5:4

Wie denkt dat de tafeltekst van deze week een uitdrukking is van een verlangen om de dag altijd met God te beginnen, moet maar eerst de hele psalm aandachtig lezen. David is in nood, hij kan ‘s nachts niet slapen. Het is zoals het in de volgende psalm staat:

Psalm 6:7  Ik ben afgemat van mijn zuchten; elke nacht doorweek ik mijn sponde, doe ik mijn bed van tranen vloeien.

Maar David steekt zijn nood niet onder stoelen of banken; hij beschrijft zijn nood in een lied en geeft de opdracht aan het hele volk om dit lied, deze psalm voor Gods aangezicht biddend te zingen:

Psalm 5:1  Voor de koorleider. Bij fluitspel. Een psalm van David. 

Wat de nood van David is staat duidelijk beschreven in deze verdere psalm:

5:  Want Gij zijt geen God, aan wie goddeloosheid behaagt, geen boze zal bij U vertoeven;

6:  de verdwaasden houden geen stand voor uw ogen, Gij haat alle bedrijvers van ongerechtigheid;

7:  Gij richt te gronde de leugensprekers, de HERE verafschuwt de man van bloed en bedrog.

David weet wat de gezindheid is van de wereld die hem omringt, maar hij weet ook wat er gebeurt als God zich over de mens ontfermt:

8:  Maar ik zal, dank zij uw grote goedertierenheid, uw huis binnengaan, mij neder buigen naar uw heilige tempel in vreze voor U.

9:  HERE, leid mij door uw gerechtigheid om mijner belagers wil; effen uw weg voor mijn aangezicht.

David heeft de nood van de wereld om zich heen voor ogen als hij onze (tafel)tekst uitspreekt voor Gods aangezicht. Als wij bereid zijn om gedurende deze week in dezelfde gezindheid deze woorden voor Gods aangezicht uit te spreken, zal ons oog meer dan ooit hoopvol, verwachtingsvol gericht zijn op wat God – misschien wel door ons heen – zal gaan doen in de wereld waarin wij leven.

Hij wil dat wij betrokken willen zijn bij Zijn handelen in de wereld om ons heen, met een priesterlijk en bereidvaardig hart. Daarom mag, niet alleen deze week, maar iedere dag van ons leven zó bepaald zijn door:

HERE, des morgens hoort Gij mijn stem, des morgens leg ik het U voor, en zie uit.

 

Bijbeltekst week 2022 – 04

Welzalig het volk dat de jubelroep kent, zij wandelen, HERE, in het licht van uw aanschijn; in uw naam juichen zij de ganse dag, en door uw gerechtigheid worden zij verhoogd.

Psalm 89:16 en 17

Wat een heerlijke tekst, deze week! Als je het met elkaar opzegt, dan jubelt en danst het in je hart. En het mag doordansen en jubelen, al de uren van de dag! Het woord ‘welzalig’ is ietwat ouderwets, past niet meer in ons taalgebruik. We kunnen het vertalen met: gelukkig of gezegend. En het is goed om te bedenken dat het woord ‘volk’ niet in de eerste plaats ‘natie’ betekent, maar zeker ook gewoon een groep mensen. En daarom betekent het verder: natie, krijgsvolk, bevolking.

De ‘jubelroep’ is niet alleen maar feestgeroep, maar in het algemeen het geven van een teken; om op te trekken. Vandaar ook krijgsgeschreeuw, als sein om tot de aanval over te gaan. Het is verder het geluid van een naderende storm, wat je waakzaam maakt. Als het een vreugdekreet is (op godsdienstige gronden), dan denken we aan een startsein, aan het elkaar mee nemen in de goede richting. De jubelroep is dus niet een gebeuren in een klein hoekje, maar dienstbaar aan de omgeving; een blij meenemen van de ander naar God toe. Gelukkig, ja gezegend, zijn de mensen die het startsein weten te geven om God groot te maken. Deze mensen worden gezegend, omdat ze de ander altijd mee weten te nemen naar Hem toe. Zulke mensen wandelen in het licht van Gods aanschijn.

Het werkwoord ‘wandelen’ heeft ook zo’n rijke betekenis. Het heeft niets te maken met een gezellig wandelingetje in de zonneschijn op zondagmiddag… Het betekent vooral: je laten meenemen om vertrouwd te raken met degene met wie je onderweg bent. Daarom ook: behoren tot het gevolg van God, behoren tot degenen die achter Hem aan gaan. Daardoor raken we bekend op Zijn wegen. Zeventien keer wordt dit werkwoord in de Bijbel eveneens vertaald met: gemeenschap hebben met…

Het woord ‘licht’ betekent vooral ochtendlicht, dus begin van de dag. Wat zijn wij gezegende, gelukkige mensen als we de dag beginnen met voor Zijn aanschijn te zijn. Dit houdt in, dat we bij het ontwaken ons bewust zijn dat we onder de hoede van Hem willen zijn, onder Zijn toezicht, tot Zijn beschikking willen zijn; vragend opzien naar Hem om, Hem volgend, te gaan verstaan wat Hij voor ons bedoelt. Dan juichen we de hele dag, dus zonder ophouden. ‘Juichen’ betekent zoiets als jubelen, blij zijn, je verheugen. Dat is heel wat anders dan blij doen.

De Bron van onze blijdschap mag zijn dat Christus onze Heer is; die de Naam boven alle naam ontvangen heeft, omdat Hij gehoorzaam is geweest tot de dood, ja, tot de dood aan het kruis (Fil 2:8,9). Bij ons heeft een naam niet zo veel waarde als in de Bijbel. ‘Naam’ in de Bijbel geeft iets weer van het wezen van de persoon, eigenlijk de persoon zelf. Als een jood het heeft over de Naam, dan bedoelt hij daarmee, heel eerbiedig, God Zelf. Het woord naam betekent dan ook: faam, roem, aanzien. Ja, het wordt zelfs gebruikt voor een gedenkteken, een monument. Maar dan heel duidelijk niet voor een gebeuren, maar uitsluitend voor een persoon.

Gezegend en gelukkig zijn dus de mensen, die in alles erop gericht zijn om zich te verheugen in de grootheid van God, omdat zij in alles wat zij zien een gedenkteken zien van Gods grootheid. Zulke mensen worden door Gods gerechtigheid verhoogd: grootgebracht, opgevoed door de rechtvaardiging, de redding die van God uitgaat. Als we ons heel de dag verheugen in de grootheid van God, doet ons dat groeien in Zijn genade, Zijn ‘gein’. Gein heeft te maken met de twinkellichtjes in de ogen van God, die je opmerkt, als je leert, om bij alles wat je doet, ook in het nieuwe jaar, naar Hém op te kijken, Hem te kennen op alle wegen die je gaat.

Bijbeltekst week 2022 – 03

Zo zegt de HERE: De wijze roeme niet op zijn wijsheid, en de sterke roeme niet op zijn kracht, de rijke roeme niet op zijn rijkdom, maar wie roemen wil, roeme hierin, dat hij verstaat en Mij kent.           

Jeremia 9: 23,24

De tekst van deze week begint met: Zo zegt de HERE. Als we deze woorden goed willen verstaan, is het goed om de klemtoon te leggen op HERE. Dit houdt dan in dat God anders spreekt dan wíj gewend zijn te doen. Wij zouden zeggen: De wijze roeme in zijn wijsheid, etc.. Het werkwoord ‘roemen’ wordt ook wel gebruikt als ‘dwaas zijn’. Dat is ook wel begrijpelijk. Want we zien het mensdom steeds dwazer worden waar we roemen in en roemen op alles wat we zelf, zonder God, kunnen opbrengen: kennis, kracht en rijkdom. Hoe meer we daar op roemen, hoe dwazer we worden in de ogen van de overheden en machten in de hemelse gewesten . . .

Daarom zegt de HERE dan ook, dat we daar niet aan mee moeten doen. Maar als we dat niet doen, dan blijft er eigenlijk niets over wat waarde heeft in ons leven . . . tenzij we verder luisteren: maar wie roemen wil – wonderlijk dat dit ‘wil’ eigenlijk een uitnodiging is – hij roeme hierin dat hij verstaat . . .  Het werkwoord ‘verstaan’ betekent in dit geval: zicht hebben op, aanschouwen, gericht zijn op (daarom is bij deze tekst gekozen voor de Statenvertaling).

Als we deze week deze woorden als tafeltekst lezen en opzeggen, dan worden we uitgenodigd om te beseffen dat echt roemen, zonder dwaas te worden, pas ontstaat als we, in alles wat we doen, gericht zijn op God. Het is dus eigenlijk hetzelfde als: Hem kennen in al onze wegen. Salomo spreekt hierover: Ken Hem in al uw wegen, dan zal Hij uw paden recht maken (Spreuken 3:6). En als we zo God betrokken weten in alles wat we doen en bedenken, dan gaan we de werkelijkheid van God leren kennen. Zo worden we echt verlost van al onze eigen ‘godsbeelden’.

Wanneer we gericht zijn op God, Hem bij ons weten, dan raken we vertrouwd met Hem. Maar echt vertrouwd met God zijn we pas, als we ons ook zelf door God laten kennen. Wat machtig dat in het Hebreeuws dan ook voor ‘kennen’ het werkwoord staat dat we het beste kunnen vertalen met ‘wederzijds gekend zijn’.

Als we die vertrouwde omgang met God zoeken en leren kennen, dan gaan we in Hem roemen. En als we echt in Hem gaan roemen, meer en meer, ja, dan moeten we aanvaarden dat we ook steeds dwazer worden voor de wereld om ons heen, die dit geheimenis niet meer kent.

Zo zegt de HERE dus tegen ons, dat als wij gaan roemen in Hem, we steeds meer dwaze, maar gelukkige, vreemdelingen worden op aarde. ‘Huisgenoten Gods’ wordt dat in de bijbel genoemd: Zo zijt gij dan geen vreemdelingen en bijwoners meer, maar medeburgers der heiligen en huisgenoten Gods, gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, terwijl Christus Jezus zelf de hoeksteen is (Efeziërs 2:19, 20).

Bijbeltekst week 2022 – 02

Jezus Christus, onze Here, gesproten uit het geslacht van David naar het vlees, naar de geest der heiligheid door zijn opstanding uit de doden verklaard Gods Zoon te zijn in kracht.

  Romeinen 1: 3,4

Wat een aanbidding spreekt er uit deze tekst! Jezus van Nazareth, zo getuigt Paulus, is de Christus, de Gezalfde des HEREN. Hij is de Beloofde, de Verlosser van de mens uit de zondeslavernij. Zoveel profeten hebben over Hem gesproken in de Oude Bedeling. Voor de gelovige Joden is het door alle eeuwen heen duidelijk geworden dat de Christus, de Gezalfde, voort zou komen uit het geslacht van David. En Paulus heeft in Jezus van Nazareth de beloofde Messias herkend, toen deze Zich aan hem openbaarde, onderweg naar Damascus: En terwijl hij daarheen op weg was, geschiedde het, toen hij Damascus naderde, dat hem plotseling licht uit de hemel omstraalde; en ter aarde gevallen, hoorde hij een stem tot zich zeggen: Saul, Saul, waarom vervolgt gij Mij? En hij zeide: Wie zijt Gij, Here? En Hij zeide: Ik ben Jezus, die gij vervolgt (Hand.9:3-5).

Jezus openbaarde Zich niet aan hem omdat Paulus Hem zocht; integendeel, hij vervolgde allen die in Jezus geloofden. Paulus is, na deze schokkende openbaring, niet te rade gegaan bij degenen die hij eerst vervolgde, nee, hij zocht de stilte in de woestijn van Arabië om daar door God zelf onderwezen te worden. Pas jaren later zocht hij de apostelen in Jeruzalem op: Daarna ging ik na verloop van veertien jaar weder naar Jeruzalem…en ik ging op grond van een openbaring. En ik legde hun het evangelie voor, dat ik onder de heidenen verkondig, afzonderlijk echter aan hen, die in aanzien waren, opdat ik niet vruchteloos liep of gelopen had (Galaten 2:1,2).

Wat kunnen overleveringen en leringen van mensen gevaarlijk zijn, tenzij zij heel nauwkeurig in overeenstemming zijn met het Woord van God: (Marcus 7:9) En Jezus vervolgde: Mooi is dat, hoe u Gods geboden ongeldig maakt om uw eigen tradities overeind te houden! (NBV). En Paulus kende dit gevaar ook. In zijn brief aan de gemeente te Kolosse schrijft hij …, het zijn menselijke voorschriften en principes over zaken die door het gebruik vergaan. Dat moet allemaal voor wijsheid doorgaan, maar het is zelfbedachte godsdienst, zelfvernedering en verachting voor het lichaam; het heeft geen enkele waarde en dient alleen maar tot eigen bevrediging.… (Kol. 2:22,23 NBV).

Als volgelingen van Jezus mogen wij het feest van Zijn opstanding, waar Paulus over schrijft in zijn brief aan de Romeinen, iedere eerste dag van de week vieren. Ja, iedere dag van iedere week, elk uur van iedere dag, omdat Jezus’ opstanding uit de doden niet slechts een overlevering van mensen is. Want iedere dag van ons leven mogen we de woorden van Jezus ervaren: En zie, Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld (Matth.28:20). Want waar we de nabijheid van Hem ervaren in ons dagelijks leven, juist ook in de moeilijkste omstandigheden, daar weten we dat Jezus van Nazareth telkens krachtig bewijst Gods Zoon te zijn. Hij zal elk woord dat Hij gesproken heeft dan ook waar maken voor hen, die Hem zo hebben leren kennen.

Zo mag deze tekst dan ook altijd weer opnieuw een aansporing zijn om het avontuur van het leven met Hem aan te gaan, ook in dit nieuwe jaar, totdat Hij terugkomt op aarde.

Bijbeltekst week 2022 – 01

En de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten behoeden in Christus Jezus. 

Filippenzen 4:7

Bovengenoemde Bijbeltekst is een vervolg op onze tafeltekst van vorige week: (vers 4) Verblijdt u in de Here te allen tijde! Wederom zal ik zeggen: verblijdt u! Uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend. De Here is nabij. Weest in geen ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God. Vers 7 is een sluitstuk van wat daarvoor geschreven staat.

We hebben alle reden om ons in Hem te verblijden: we zijn schoon gewassen in het bloed van het Lam. Laten we ons dus verheugen in Hem en … onder alle omstandigheden. Dan leven we waardig en gelukkig en is er geen enkele reden meer – zo die er ooit was – om niet vriendelijk te zijn voor alle mensen.

Het woord ‘vriendelijkheid’ kan ook vertaald worden met ‘mildheid’. Dat past hier wel beter. Want waar wij dieper mogen gaan beseffen wat het is om alleen uit genade te leven, daar wordt ons hart mild voor alle mensen om ons heen, ook als die dit geheimenis van Gods genade nog niet hebben leren kennen…

Onbezorgd en met een biddend hart mogen we dus altijd vooruit blikken, ook dit nieuwe jaar in! Onbevangen en gelukkig, mild en verwachtingsvol voor alle mensen om ons heen. Deze gezindheid is voorwaarde waardoor onze tafeltekst in vervulling kan gaan: alle dagen van ons leven.

Vandaar dat onze tafeltekst begint met het woordje ‘en’.  Ja, dan zal de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat, die dus niet te bevatten is, onze harten en onze gedachten ‘behoeden’. Dit werkwoord ‘behoeden’ betekent eigenlijk: gewapend bewaken, beschermen door te bewaken.

De wapenen worden in de hierboven genoemde verzen genoemd: alles door gebed en smeking met dankzegging aan God bekendmaken. Maar al deze wapenen zijn pas krachtig, als we beseffen dat deze wapens er alleen maar zijn in het heel eenvoudig schuilen bij onze levende Here. Vandaar dat onze tafeltekst eindigt met dat waar het eigenlijk allemaal om gaat: in Christus Jezus!

Wij wensen u allen van harte een gezegend en hoopvol 2022!

Abonneer je op de weektekst

Voer je e-mailadres in om wekelijks de bijbeltekst te ontvangen.

Voeg je bij 127 andere abonnees

Archieven