Want de liefde van Christus dringt ons, daar wij tot het inzicht gekomen zijn, dat één voor allen gestorven is. Dus zijn zij allen gestorven. En voor allen is Hij gestorven, opdat zij, die leven, niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem, die voor hen gestorven is en opgewekt.
Wat een indrukwekkende tafeltekst als voorbereiding voor het komende paasfeest! Wat zal het een vrolijk Pasen worden, als de liefde van Christus ook ons ‘dringt’. De betekenis van dit werkwoord is: vastgehouden worden. Wat een rijkdom! Het is de liefde van Christus, die ons vasthoudt, bijeenhoudt.
Dan kan de vraag bij ons bovenkomen: Wat houdt ons bijeen, wat houdt ons vast? Het antwoord staat er duidelijk bij: wij zijn tot het inzicht gekomen dat Hij voor allen gestorven is. ‘Voor allen’ betekent: voor iedereen, voor alle mensen. Paulus zegt in de brief aan de Romeinen: Daarom, gelijk het door één daad van overtreding (van Adam en Eva) voor alle mensen tot veroordeling gekomen is, zo komt het ook door één daad van gerechtigheid voor alle mensen tot rechtvaardiging ten leven (Rom.5:18). Paulus is er diep van overtuigd dat: God, onze Heiland, wil dat alle mensen behouden worden en tot erkentenis der waarheid komen (1 Timotheüs 2:4).
Wanneer deze grote waarheid tot ons is doorgedrongen kan het echt paasfeest worden. Want dan leven we niet in een religieuze roes. Die ‘roes’ zorgt er nl. voor dat de boodschap van Pasen niet echt tot ons hart kan doordringen. Dan is de overlevering, dat Jezus is gestorven en opgestaan, slechts een tweeduizend jaar oud ‘verhaal’.
Vrolijk Pasen zal het zijn voor iedereen die de woorden van Paulus, waarmee hij de brief aan de Romeinen begint, ook echt beleeft: Jezus Christus, onze Heer, die krachtig bewezen heeft door de opstanding uit de doden, de Zoon van God te zijn (Rom.1:4 Luth.vertaling). Een ‘verhaal’ is geen bewijs van een zaak. Dus het verhaal over Jezus’ opstanding uit de doden is geen bewijs. Wat rijk dat Jezus Zelf voortdurend het bewijs geeft dat Hij als Gods Zoon is opgestaan uit de doden, doordat Hij Zijn Woord waar maakt: En zie, Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld (Matth.28:20). Wat is het gelukkig dat, wie dit ervaart in het dagelijkse leven, echt iets te gedenken, te vieren heeft met Pasen. Dan beleven we ook de vreugde van de werkelijkheid van onze tafeltekst: En voor allen (lees: voor alle mensen) is Hij gestorven, opdat zij, die leven, niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem, die voor hen gestorven is en opgewekt.
Wanneer we Zijn nabijheid tot in elk detail van ons dagelijks leven ervaren, kunnen we het paasfeest in waarheid vieren en geeft dat ons leven vrucht voor Zijn Koninkrijk. Door de nabijheid van Jezus, ook in ons dagelijks leven, wordt Pasen het feest van daadwerkelijke bevrijding uit het slavenhuis van ons eigen denken. Wat een vreugde dat ons leven dan, in deze wereld waar zoveel angst regeert, zeker vrucht zal dragen voor Gods naderende Koninkrijk.
PASEN 2026
Het Paasfeest is van oorsprong een feest dat beschreven wordt in het Oude Testament. De Israëlieten kregen de opdracht dit feest jaarlijks te vieren, om daarin te gedenken dat God hen uit het slavenhuis, uit Egypte, geleid had. Dit feest valt in de maand Abib, (ongeveer april): ‘Deze maand zal u het begin der maanden zijn; zij zal u de eerste der maanden van het jaar zijn’ (Exodus 12:2). Op de 10e van deze maand moesten de Israëlieten een gaaf, mannelijk, éénjarig stuk kleinvee nemen en dat apart zetten tot de 14e van de maand, om het dan in de avondschemering te slachten en gedurende de nacht op te eten (:5,6). Vier dagen werd het Paaslam apart gezet om geslacht te worden. ‘Vier’ is in de Bijbel het symbolische getal van de voorbereiding.
Als later Johannes de Doper zijn discipelen op de Here Jezus wijst, dan zegt hij: ‘Zie, het Lam Gods, dat de zonde der wereld wegneemt’ (Johannes 1:29,36). Voor de gelovige Jood was het Paaslam een beeld van de Messias en Johannes zegt hier dus eigenlijk: ‘Zie, de Messias!’ Ook de apostel Johannes trekt deze vergelijking later door als hij Exodus 12:46 citeert: ‘Want dit is geschied, opdat het Schriftwoord zou vervuld worden: Geen been van Hem zal verbrijzeld worden’ (Johannes 19:36).
En zoals het bloed van het Paaslam, op de deurposten van de huizen gestreken, de doodsengel aan de gelovigen voorbij deed gaan (Exodus 12:13), zo werd ook het bloed van Jezus voor velen vergoten tot verzoening van hun zonden (Mattheüs 26:28). Daarom vieren we ieder jaar, vaak bijna gelijk met het Joodse volk, het Paasfeest, om te gedenken dat Jezus als ons Paaslam is geslacht tot verzoening van al onze zonden (1 Korintiërs 5:7).