Want wat hoog is bij mensen, is een gruwel voor God. 

Luk 16:15

Voor de komende week een korte tafeltekst. Maar wel een veel omvattende tekst. Omdat onze tafeltekst met ‘want’ begint, moeten we wel even aandacht besteden aan wat er aan vooraf gaat, maar we zullen voor deze week de tekst laten voor wat het is, dus niet het hele vers 15, maar alleen de tweede helft.

We gaan nu lezen wat vooraf gaat aan vers 15: En Hij zeide tot hen: Gij zijt het, die voor rechtvaardig wilt doorgaan voor de mensen, maar God kent uw harten. Als we deze woorden van Jezus kort willen samenvatten dan zouden we kunnen zeggen dat God de ‘show’ die we dagelijks leveren doorziet, omdat Hij ons hart kent. Bij God is de ‘show’ dus volkomen nietszeggend. Eigenlijk is dat een heel bevrijdende gedachte, als we maar beseffen, dat God van ons houdt met een eeuwige liefde. En die liefde hebben we niet ‘verdiend’! Liefde is niet te verdienen! Oh, als dat nu toch eindelijk eens tot ons hart zou doordringen! Dan zou dat de deur openen naar het echte leven met de HERE.

HEER, Die mij ziet zoals ik ben,
dieper dan ik mijzelf ooit ken
kent Gij mij…      

zingen we wel eens. Wat bevrijdend te weten dat God onze harten kent, tot in de diepste hoeken! We hoeven ons dus voor God nooit ‘hoog te houden’. Wat wordt er eigenlijk mee bedoeld met dat ‘hooghouden’? De Bijbel gebruikt hiervoor een Grieks woord dat de betekenis heeft van: hoogmoedig, trots zijn, hoge dingen (als eer en rijkdom) nastreven. Hoogmoed en trots is meestal een camouflage voor de angst. Waar de liefde verkild is daar komt de hoogmoed en de trots voor in de plaats. Dan wordt het hoogste goed om na te streven: eer en rijkdom. Ach, dat herkennen we allemaal immers in ons armzalig leventje, waar we zelf zo’n grote plaats en God maar zo’n klein plaatsje heeft?!

Pas als de onbaatzuchtige en goddelijke Liefde van God tot ons leven gaat doordringen, daar knapt de angst om ons gezicht te zullen verliezen en het krampachtige verlangen om ‘iets te zijn’ echt af, bevrijdend, levenwekkend. Want God kan niet werken aan een ziel, die zichzelf nog probeert ‘hoog te houden’. In Jes. 57:15 staat: In den hoge en in het heilige woon Ik en bij de verbrijzelde en nederige van geest,…. want al dit ‘hooghouden’ is bij God een ‘gruwel’. Hier wordt een woord gebruikt, dat precies aangeeft hoe God over het zoeken van ‘eer en rijkdom’ denkt: een smerige, verachtelijke zaak. Dit Griekse woord wordt ook gebruikt voor ‘afgoden en alle dingen die met afgoderij te maken hebben’ zegt het Griekse woordenboek.

Wat goed dat we een week lang er over kunnen nadenken hoeveel ‘gruwel’ er nog in de weg staat voor God om ons werkelijk gelukkig te kunnen maken, om ons het echte, eenvoudige Leven te schenken, wat er zal kunnen zijn, als we ons leven niet langer door de mensen om ons heen laten bepalen, maar door Gods liefde die zo onbevangen naar ons, naar de hele wereld uitgaat.